10 Nieuwigheden voor de klinische praktijk in 2020

(Leestijd: 3 - 5 minuten)
10

Vier keer per jaar verschijnt er op De Jonge Psychiater een artikelselectie van de meest in het oog springende wetenschappelijke bevindingen. Jurjen Luykx en Angela Carlier kijken terug op het afgelopen jaar en hebben een overzicht gemaakt van bevindingen gepubliceerd in 2019 die volgens hen (subjectief dus) het klinisch handelen van psychiaters kunnen gaan veranderen. Deze selectie is onderverdeeld in de onderstaande tien thema’s. Hieronder worden per thema steeds de bevinding(en) genoemd en de inschatting waarmee het klinisch handelen door de bevinding(en) zal veranderen.

 

 

 

1) Er is de afgelopen jaren discussie over het wel of niet voorschrijven van antipsychotica bij een delier. Een netwerk meta-analyse liet in 2019 zien dat 1) behandeling van delier met haloperidol tóch effectief is (OR op respons van 2,7 t.o.v. placebo); en 2) dat combinatiebehandeling van haloperidol en lorazepam nog effectiever is (OR op respons van 28 t.o.v. placebo) (JAMA Psychiatry). Implicatie voor de klinische praktijk: overweeg additie van lorazepam aan haloperidol voor de behandeling van delier al in een vroeg stadium bij non-respons.

 

2) Het was het jaar van de positieve berichten over polyfarmacie, met name voor de combinatie van clozapine en aripiprazol die effectiever bleek op de hoeveelheid heropnames in een groot Fins cohort dan monotherapie met clozapine; ook voor andere vormen van polytherapie zoals clozapine met olanzapine werd een hoge effectiviteit gevonden (JAMA Psychiatry). Misschien toch niet al te snel de optie van twee antipsychotica voor bepaalde patiënten achterwege laten?

 

3) Op gebied van angststoornissen vonden wij belangrijk nieuws dat een meta-analyse aantoonde dat voor GAS duloxetine en pregabaline het meest effectief zijn (The Lancet): deze middelen zouden daarom als een eerste keuze voor deze indicatie moeten worden overwogen.

 

4) Vanaf 1 januari 2020 is nieuwe wetgeving, de Wet forensische zorg, van kracht, die ervoor zorgt dat de officier van justitie gebruik kan maken van een speciale commissie die een gedragsdeskundige rapportage kan opstellen op basis van informatie uit het medisch dossier van een verdachte. Daarmee is het nu mogelijk om een TBS maatregel op te leggen bij een verdachte die weigert mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek. Daarnaast is het voor een strafrechter nu mogelijk om een zorgmachtiging op te leggen ook indien een verdachte niet geheel ontoerekeningsvatbaar is. Dit is met name relevant voor de psychiaters die forensische rapportages uitvoeren.

 

5) Goed nieuws voor de behandeling van depressie: een meta-analyse laat zien dat het toevoegen van anti-inflammatoire medicatie (zoals NSAIDs, cytokine-inhibitoren en statines) aan antidepressiva een positief effect heeft op depressieve symptomen (Acta Psychiatrica Scandinavica). Het moet nog worden aangetoond welke subgroep depressieve patiënten hier voornamelijk baat bij hebben en in welke doseringen deze medicijnen moeten worden gegeven waardoor deze bevinding nog niet direct klinisch toepasbaar is. Waarschijnlijk is dit een groep met laaggradige inflammatie. Een andere meta-analyse liet namelijk zien dat maar liefst 27% van de depressieve patiënten laaggradige inflammatie heeft (C-reactive protein (CRP) > 3mg/L) en 58% van de depressieve patiënten een CRP boven de 1 mg/L (Psychological Medicine).

 

6) Ook goed nieuws in zicht voor de behandeling van een stoornis in het gebruik van een opioïde: een maandelijks depot buprenorfine voor opioideafhankelijkheid bleek effectief in patiënten met een stoornis in het gebruik van een opioide: de abstinentieduur was 40% in gebruikers van dit middel vs. 5% in gebruikers van placebo (The Lancet). Zodra dit preparaat op de Nederlandse markt beschikbaar komt dient het te worden overwogen voor deze doelgroep gezien de grootte van dit effect.

 

7) Dit jaar is er in een meta-analyse opnieuw bewijs gevonden dat Prasozine, een alfa-1 receptor antagonist, een vermindering geeft van nachtmerries bij PTSS (Sleep Medicine). Op dit moment is dit preparaat niet op de Nederlandse markt verkrijgbaar, maar zodra dit wel het geval is kan toepassing bij patiënten met nachtmerries bij PTSS worden overwogen.

 

8) In patiënten met psychotische depressie bleek het stoppen van olanzapine bij continuering van sertraline geassocieerd met bijna drie keer zoveel kans op terugval in vergelijking met sertraline + olanzapine in de loop van 36 weken behandeling (JAMA). De belangrijke implicatie is dat tijdens behandeling van een psychotische depressie met een antidepressivum en een antipsychoticum niet te snel met het antipsychoticum dient te worden afgebouwd.

 

9) Belangrijkste nieuws voor de eerste lijn kwam van een placebo-gecontroleerde trial in huisartsenpraktijken die vond dat sertraline vooral effectief is in verbeteren van angstklachten en kwaliteit van leven, onafhankelijk van ernst; het effect op depressieve verschijnselen was pas na 12 weken waarneembaar (Lancet Psychiatry). De belangrijke implicaties zijn er twee: als een SSRI niet werkt op depressie kan het wel effectief zijn voor angst in de eerste lijn en bovendien moet je in de eerste lijn wellicht tenminste 12 weken wachten voordat je effect van een SSRI mag verwachten.

 

10) Experts beschrijven criteria voor waarschijnlijke en zekere autoimmuunpsychoses en geven adviezen voor diagnostiek (The Lancet Psychiatry). Zo kunnen psychiaters (i.o.) in de toekomst nog nauwkeuriger diagnostiek aanvragen bij verdenking van dergelijke psychoses.


Twitter

Nieuwsbrief

Disclaimer/Privacy